ECLI:NL:RVS:2006:AU9842
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- B.J. van Ettekoven
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging weigering planschadevergoeding door gemeente Heemskerk
Appellant, de raad van de gemeente Heemskerk, wees verzoeken van vier eigenaren om planschadevergoeding af na het verlenen van een vrijstelling voor de bouw van een appartementengebouw nabij hun woningen. De rechtbank Haarlem vernietigde deze besluiten en oordeelde dat de planvergelijking onjuist was toegepast, omdat de aanleg van de verlengde Coentunnelweg, waarvoor het perceel oorspronkelijk was bestemd, met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid niet meer mogelijk was.
De rechtbank stelde dat de voorzienbaarheid van de planologische wijziging ten tijde van aankoop van de woningen niet aannemelijk was, omdat het streekplan onvoldoende inzicht bood in de aard en omvang van de toekomstige woonfunctie. De Raad van State bevestigde dit oordeel en verwierp het primaire beroep van appellant dat bij planvergelijking altijd van maximale planologische invulling moet worden uitgegaan.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de verlengde Coentunnelweg niet meer op het perceel kan worden aangelegd en dat de planologische vergelijking daarom niet op basis van deze bestemming mag plaatsvinden. Tevens werd geoordeeld dat de verzoekers niet rekening hoefden te houden met de bouw van een hoog appartementengebouw, waardoor de planschadevergoeding terecht werd toegekend.
De Raad van State veroordeelde appellant tot vergoeding van proceskosten aan verzoekers en bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank Haarlem.
Uitkomst: Het hoger beroep van de gemeente Heemskerk wordt ongegrond verklaard en de vernietiging van de weigering tot planschadevergoeding bevestigd.