ECLI:NL:RVS:2006:AW2261
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- J.A.M. van Angeren
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Vaststelling voorkeursrecht gemeente Oldebroek op gronden Hattemerbroek dorp II
De gemeente Oldebroek heeft bij besluit van 22 juni 2004 een voorkeursrecht gevestigd op percelen in het gebied Hattemerbroek dorp II, op grond van artikel 8 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). De wederpartij maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door de raad werd afgewezen. De rechtbank Zutphen verklaarde het beroep van de wederpartij gegrond en vernietigde het besluit.
De gemeente stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de raad niet bevoegd was het voorkeursrecht te vestigen omdat het bestemmingsplan Hattemerbroek dorp niet meer van kracht was. De Afdeling benadrukte dat artikel 8 Wvg Pro juist bedoeld is om een vervroegd voorkeursrecht mogelijk te maken, ook als een bestemmingsplan nog niet definitief is vastgesteld.
Verder verwierp de Afdeling de bezwaren van de wederpartij dat het voorkeursrecht onredelijk zou zijn en dat er geen belangenafweging had plaatsgevonden. De Afdeling stelde vast dat de belangen van de wederpartij waren meegenomen en dat het algemeen belang zwaarder woog. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de wederpartij alsnog ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de wederpartij wordt ongegrond verklaard en het voorkeursrecht van de gemeente Oldebroek blijft van kracht.