ECLI:NL:RVS:2006:AY3726
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- P.A. Offers
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat plaatsing op Alijda-lijst geen besluit is met rechtsgevolgen
Appellanten zijn geplaatst op de zogenaamde Alijda-lijst van mogelijk malafide huiseigenaren, waartegen zij bezwaar maakten. De rechtbank Rotterdam oordeelde dat de plaatsing geen besluit is in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Appellanten stelden dat de lijst externe werking en rechtsgevolgen heeft, maar de Raad van State bevestigt het oordeel van de rechtbank.
De Alijda-lijst is onderdeel van een convenant tussen verschillende overheidsinstanties gericht op bestrijding van malafide praktijken in Rotterdam. De lijst wordt gebruikt als intern instrument om prioriteiten te stellen bij toezicht en handhaving. Hoewel plaatsing op de lijst kan leiden tot bijzondere maatregelen door convenantspartijen, betekent dit niet dat de plaatsing zelf rechtsgevolgen heeft of een besluit vormt.
De Raad van State concludeert dat de plaatsing op de lijst geen zelfstandig besluit is en derhalve niet vatbaar is voor bezwaar of beroep als zodanig. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat plaatsing op de Alijda-lijst geen besluit is en verklaart het hoger beroep ongegrond.