ECLI:NL:RVS:2007:BA9129
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- B. van Wagtendonk
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over geslaagd beroep op traumatabeleid in asielprocedure
De zaak betreft een hoger beroep van de minister tegen een uitspraak van de rechtbank die het besluit tot afwijzing van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd vernietigde. De vreemdeling had een beroep gedaan op het traumatabeleid, waarbij traumatische gebeurtenissen in het verleden een rol spelen bij de beoordeling van de terugkeer naar het land van herkomst.
De Raad van State overweegt dat de minister in de daartoe bestemde procedure een oordeel heeft kunnen geven over de geloofwaardigheid en het realiteitsgehalte van de door de vreemdeling gestelde feiten en vermoedens. Deze kunnen, indien geloofwaardig of plausibel, mede een rol spelen bij het beroep op artikel 3.71, vierde lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000.
Verder is vastgesteld dat het feit dat traumatische gebeurtenissen in het verleden hebben plaatsgevonden niet automatisch betekent dat terugkeer naar het land van herkomst niet tot een onbillijkheid van overwegende aard leidt. De minister had onvoldoende gemotiveerd waarom de vreemdeling geen succesvol beroep op het traumatabeleid kon doen. De Raad van State bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de minister ongegrond.
De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten ten behoeve van de vreemdeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep van de minister af.