Uitspraak
200504698/1. De beroepsgrond ten aanzien van het ontbreken van een vrijstellingsregeling ten behoeve van een trap aan de voorzijde van het pand is ter zitting ingetrokken.
Raad van State
Bij besluit van 24 november 2005 stelde de stadsdeelraad van Amsterdam het bestemmingsplan Burgwallen vast. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland keurde dit plan op 4 juli 2006 goed. Tegen dit besluit stelden drie appellanten beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het geschil en oordeelde dat het college ten onrechte goedkeuring had verleend aan plandelen met de bestemming "Gemengde doeleinden" voor drie panden.
Voor het pand met winkelfunctie werd vastgesteld dat de beperking van de winkelfunctie tot de eerste bouwlaag niet deugdelijke motivering ontbeerde, mede omdat een onherroepelijke vrijstelling en bouwvergunning voor gebruik van souterrain en bel-etage als winkel was verleend. Voor het pand met horeca-aanduiding werd geoordeeld dat de tweede bouwlaag ten onrechte was uitgesloten van horeca, terwijl deze legaal werd gebruikt voor opslag, maar dat het plan niet in overeenstemming was met een goede ruimtelijke ordening omdat de exploitatievergunning niet als maatstaf mag gelden.
Ten aanzien van het pand waar appellante een hotel wilde vestigen, oordeelde de Afdeling dat het bestemmingsplan terecht geen hotel- of woonfunctie toestond, gelet op het streven het evenwicht tussen functies te bewaren en de hoge hotelcapaciteit in het gebied. Het beroep van deze appellant werd ongegrond verklaard.
De Afdeling vernietigde het besluit voor de eerste twee plandelen, onthield goedkeuring en veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten aan de appellanten. Het beroep van de derde appellant werd afgewezen.
Uitkomst: De Afdeling vernietigt delen van het besluit tot goedkeuring van het bestemmingsplan en onthoudt goedkeuring aan deze plandelen, terwijl één beroep ongegrond wordt verklaard.