ECLI:NL:RVS:2007:BB3833
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- M.W.L. Simons-Vinckx
- G.N. Roes
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen besluit saneringsplan ernstige bodemverontreiniging
Verweerder heeft vastgesteld dat op een locatie sprake is van drie gevallen van ernstige bodemverontreiniging, waarvan één urgent is en waarvoor een saneringsplan is goedgekeurd. Appellanten maakten bezwaar tegen dit besluit en stelden onder meer dat het saneringsplan onjuist was omdat sprake zou zijn van nieuwe verontreiniging na 1987, waardoor een multifunctionele sanering vereist zou zijn.
De Raad van State overwoog dat het overgrote deel van de verontreiniging is ontstaan vóór 1 januari 1987 en dat de verspreiding van historische verontreiniging niet leidt tot een nieuw geval van verontreiniging. Daarnaast is de zorgplicht uit artikel 13 van Pro de Wet bodembescherming niet van toepassing op de onderhavige gevallen. Ook het bezwaar dat verweerder het verslag van de hoorzitting niet volledig heeft afgewacht, werd verworpen omdat geen wettelijke verplichting daartoe bestond en verweerder over voldoende informatie beschikte.
De Afdeling bestuursrechtspraak concludeerde dat het beroep ongegrond is en dat het besluit tot instemming met het saneringsplan rechtmatig is genomen. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt dat functionele sanering passend is in dit geval van historische bodemverontreiniging.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot vaststelling van bodemverontreiniging en het saneringsplan wordt ongegrond verklaard.