Uitspraak
200600396/1) bij een bestaande overschrijding van de zonegrenswaarde, elke toevoeging een extra inspanning zal vergen teneinde de geluidbelasting terug te dringen tot de zonegrenswaarde van 50 dB(A). In geschil is of ook een bijdrage van 0,001 dB(A) of minder als een zodanige toevoeging moet worden beschouwd dat verlening van een milieuvergunning daarvoor in strijd is met artikel 8.10, tweede lid, van de Wet milieubeheer. Deze procedure leent zich niet voor een definitieve beantwoording van die vraag. Voorshands acht de Voorzitter het evenwel niet zodanig waarschijnlijk dat de milieuvergunning ten onrechte is geweigerd, dat reeds daarin reden kan worden gevonden het bestreden besluit te schorsen. Ook overigens ziet de Voorzitter daarvoor, hetgeen door verzoekster is aangevoerd in aanmerking genomen en bij afweging van de betrokken belangen, geen aanleiding.