ECLI:NL:RVS:2007:BB4349
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.J.J. van Buuren
- H.P.J.A.M. Hennekens
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Rechtspraak.nl
Beoordeling wijziging landinrichtingsplan Over Betuwe-Oost en bevoegdheid tot beroep
Bij besluit van 23 januari 2007 heeft het college van gedeputeerde staten van Gelderland een wijziging van het landinrichtingsplan voor de ruilverkaveling Over Betuwe-Oost vastgesteld. Tegen dit besluit hebben drie groepen appellanten beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling heeft onderzocht welke onderdelen van het beroep ontvankelijk zijn, mede gelet op de overgangsregels van de Wet inrichting landelijk gebied (Wilg) en de toepasselijkheid van de Landinrichtingswet (Liw). Zij oordeelt dat slechts het beroep tegen de toewijzing van eigendom met toepassing van artikel 142 lid 1 onder Pro b en c Liw ontvankelijk is; overige onderdelen betreffen feitelijke handelingen of besluiten waartegen geen beroep openstaat.
Inhoudelijk wordt het beroep van appellanten sub 2 tegen de natuurlijke oevers ongegrond verklaard, omdat de Afdeling van oordeel is dat de belangenafweging door verweerder redelijk is geweest. De overige beroepen worden niet-ontvankelijk verklaard. Tevens worden de proceskosten ten laste van de provincie Gelderland aan appellanten toegewezen en wordt het griffierecht vergoed.
De uitspraak bevestigt de beperkte beroepsmogelijkheden tegen wijzigingen van landinrichtingsplannen en benadrukt de zorgvuldige belangenafweging bij ruimtelijke ingrepen.
Uitkomst: De Afdeling verklaart zich grotendeels onbevoegd, verklaart het overige beroep ongegrond en veroordeelt de provincie Gelderland tot vergoeding van proceskosten.