ECLI:NL:RVS:2007:BB7787
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- W. Konijnenbelt
- C.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en bevestiging besluiten over last onder dwangsom in woningverhuur
In deze bestuursrechtelijke procedure staat de oplegging van een last onder dwangsom centraal, gericht op het beëindigen van overtredingen van de Huisvestingswet en de Huisvestingsverordening 2003 met betrekking tot woningen aan meerdere locaties.
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde appellant sub 1 een last onder dwangsom op wegens het niet tijdig melden van het beschikbaar komen van woonruimte en het niet voordragen van een huishouden binnen de gestelde termijnen. De rechtbank Amsterdam vernietigde het collegebesluit deels vanwege een onredelijke begunstigingstermijn van veertien dagen voor het beëindigen van de overtreding van artikel 7, tweede lid, van de Huisvestingswet.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het gehele besluit heeft vernietigd en vernietigt slechts het deel dat ziet op de overtredingen van de artikelen 2.7.1 en 2.7.2 van de verordening niet. Het hoger beroep van appellant sub 1 wordt ongegrond verklaard, terwijl het beroep tegen het besluit van 23 april 2007 gegrond wordt verklaard en dat besluit wordt vernietigd voor zover het de handhaving van de last onder dwangsom betreft. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt deels de uitspraak van de rechtbank en bevestigt deels het collegebesluit over de last onder dwangsom.