ECLI:NL:RVS:2007:BB8416
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verwijderen veranda en inrijpoort zonder vergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn legde appellant een last onder dwangsom op om een veranda, gebouwd in afwijking van de bouwvergunning, en een zonder vergunning gebouwde inrijpoort te verwijderen. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen dit handhavingsbesluit, maar zowel het college als de rechtbank wezen deze af.
Appellant voerde onder meer aan dat het recht op hoor en wederhoor was geschonden doordat niet werd vermeld waar stukken ter inzage lagen en dat vergelijkbare bouwwerken niet of minder streng werden gehandhaafd. De Raad van State oordeelde dat de stukken tijdig en volledig aan appellant waren toegezonden en dat er geen sprake was van schending van het hoor en wederhoor. Ook was er geen aanleiding om het handhavingsbesluit buiten proportie te achten.
Verder stelde de Raad van State vast dat appellant geen rechtsmiddelen had aangewend tegen eerdere weigeringen van bouwvergunningen en dat er geen concreet uitzicht op legalisatie was. Een uitbreiding van de last tot onderdelen waarvoor inmiddels een bouwvergunning was ingetrokken, werd afgewezen wegens strijd met rechtszekerheid. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder dwangsom tot verwijdering van de veranda en inrijpoort blijft gehandhaafd.