Uitspraak
200500224/1overwogen dat bij de planologische vergelijking dient te worden uitgegaan van de op grond van het uitbreidingsplan in hoofdzaken na uitwerking mogelijke woonbebouwing en andere voorzieningen. Naar het oordeel van de rechtbank, samengevat weergegeven, heeft de Stichting een onjuiste planvergelijking gemaakt door alleen de maximale mogelijkheden van de bestemming "Agrarische doeleinden 2" en niet ook de maximale mogelijkheden van de uit te werken bestemming "Woonwijken met alle daartoe nodige voorzieningen" in het uitwerkingsplan in hoofdzaken met de het nieuwe bestemmingsplan te vergelijken. De gemeenteraad heeft het advies van de Stichting daarom niet aan zijn besluit ten grondslag mogen leggen en heeft, door dit toch te doen, bij het nemen van het besluit van 10 mei 2005 gehandeld in strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb).
200103993/1rechtens onaantastbaar geworden en maakt ingevolge artikel 11, zesde lid, van de WRO deel uit van het bestemmingsplan.