ECLI:NL:RVS:2008:BD0798
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Raad van State tot kennisneming hoger beroep wrakingsverzoek rechtbank Arnhem
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Arnhem van 19 april 2007, waarin een verzoek om wraking werd afgewezen. De rechtbank had het wrakingsverzoek behandeld zonder de betrokken rechter te horen, en appellant stelde dat de wrakingskamer niet over het volledige dossier beschikte.
De Raad van State overweegt dat op grond van artikel 8:18, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht tegen een beslissing op een wrakingsverzoek geen rechtsmiddel openstaat. Een uitzondering hierop kan alleen worden gemaakt bij evidente schending van beginselen van goede procesorde of fundamentele rechtsbeginselen die een eerlijk proces waarborgen.
De Raad van State oordeelt dat de wrakingskamer niet verplicht is de rechter om wiens wraking is verzocht te horen en dat de behandeling niet in strijd is met genoemde beginselen. Daarom verklaart de Afdeling bestuursrechtspraak zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep tegen de afwijzing van het wrakingsverzoek.