ECLI:NL:RVS:2008:BD7378
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.H.M. van Altena
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Weigering exploitatievergunning horeca-inrichting wegens ernstig gevaar strafbare feiten
De burgemeester van Venlo weigerde op grond van de Wet bibob een vergunning voor de exploitatie van het Anadolu Kebabhuis, omdat er een ernstig gevaar bestond dat de vergunning zou worden gebruikt voor strafbare feiten. Dit besluit werd gehandhaafd in bezwaar en door de voorzieningenrechter bevestigd.
De appellant stelde dat de procedure onzorgvuldig was verlopen en dat het recht op hoor en wederhoor was geschonden door beperkte inzage in het advies van het Bureau bibob. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de appellant voldoende gelegenheid had gehad zijn zienswijze naar voren te brengen en dat de procedure rechtmatig was verlopen.
Verder voerde appellant aan dat de Wet bibob in strijd was met diverse verdragsbepalingen, waaronder het EVRM, en dat sprake was van détournement de pouvoir. Deze klachten werden verworpen omdat de weigering niet als strafsanctie kwalificeert en de toepassing van de wet voldoende waarborgen kent.
De burgemeester had aannemelijk gemaakt dat appellant in een zakelijk samenwerkingsverband stond met personen met criminele antecedenten, wat het ernstige gevaar rechtvaardigde. De Afdeling bevestigde daarom het bestreden besluit en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de exploitatievergunning wegens ernstig gevaar dat de vergunning wordt gebruikt voor strafbare feiten.