ECLI:NL:RVS:2008:BD7530
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- T.M.A. Claessens
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag omvat ambtshalve weigering verblijfsvergunning regulier
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie bij besluit van 10 januari 2008 werd afgewezen. De voorzieningenrechter verklaarde het daartegen ingestelde beroep ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat volgens vaste jurisprudentie een afwijzing van een asielaanvraag tevens een ambtshalve weigering van een verblijfsvergunning regulier kan inhouden, mits dit uit de beschikking blijkt. In dit geval had de staatssecretaris expliciet beoordeeld dat de vreemdeling niet voldeed aan de voorwaarden voor een buitenschuld-vergunning en daarmee ook ambtshalve geweigerd deze vergunning te verlenen.
De Afdeling stelde vast dat het beroep tegen deze ambtshalve weigering niet ontvankelijk had moeten worden verklaard door de voorzieningenrechter, omdat bezwaar tegen het primaire besluit voorafgaand aan beroep bij de rechtbank vereist was. Het hoger beroep werd daarom gegrond verklaard, het vonnis van de voorzieningenrechter vernietigd voor zover het het beroep tegen de ambtshalve weigering betrof, en het beroep tegen die weigering alsnog niet-ontvankelijk verklaard. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de ambtshalve weigering van een buitenschuld-vergunning wordt niet-ontvankelijk verklaard en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.