ECLI:NL:RVS:2008:BE8822
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- M.F.N. Pikart-van den Berg
- Rechtspraak.nl
Weigering Verklaring Omtrent het Gedrag voor chauffeurspas taxichauffeur bevestigd
De minister van Justitie weigerde de afgifte van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) aan appellante, die een chauffeurspas wilde verkrijgen voor het beroep van taxichauffeur. Deze weigering was gebaseerd op strafbare feiten die in de justitiële documentatie stonden geregistreerd, waaronder drugshandel en mishandeling.
Appellante voerde aan dat zij alleen kinderen naar school wilde vervoeren en geen andere taxidiensten zou verrichten, en dat de weigering van de VOG onevenredige gevolgen voor haar had. De rechtbank en de Raad van State oordeelden echter dat een chauffeurspas betrekking heeft op de gehele taxibranche en dat het screeningsprofiel voor taxichauffeurs daarom van toepassing is.
De Raad van State stelde vast dat de minister terecht de aanvraag heeft getoetst aan het screeningsprofiel en dat de strafbare feiten, indien herhaald, een behoorlijke uitoefening van het beroep in de weg staan. Ook het argument van appellante dat zij door ziekte alleen beperkte werkzaamheden kan verrichten, werd niet onderbouwd met bewijs.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde het vonnis van de rechtbank Alkmaar en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de VOG voor appellante, waardoor zij geen chauffeurspas kan verkrijgen.