ECLI:NL:RVS:2013:2289
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Th.C. van Sloten
- J.J. Reuveny
- Rechtspraak.nl
Weigering verklaring omtrent het gedrag voor chauffeurskaart na veroordeling poging zware mishandeling
Appellant verzocht om een verklaring omtrent het gedrag (VOG) ten behoeve van een chauffeurskaart, maar de staatssecretaris weigerde deze op grond van een onherroepelijke veroordeling voor poging tot zware mishandeling uit 2011. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak.
De staatssecretaris baseerde zijn weigering op de beleidsregels VOG-NP-RP 2013, die een objectief en subjectief criterium hanteren bij de beoordeling van justitiële gegevens. De veroordeling van appellant vormt volgens het objectieve criterium een belemmering voor het verkrijgen van een VOG vanwege het risico voor de samenleving.
Appellant voerde aan dat bijzondere omstandigheden, zoals zijn persoonlijke situatie en het feit dat hij geen ander werk kan vinden, tot afgifte van de VOG zouden moeten leiden. De Raad van State oordeelt dat deze omstandigheden geen bijzondere omstandigheden zijn die afwijken van de beleidsregels. Ook het feit dat appellant niet in aanmerking komt voor een uitkering is geen gevolg van de weigering, maar een zelfstandige situatie.
De Raad van State concludeert dat de staatssecretaris terecht heeft geweigerd de VOG af te geven en dat het hoger beroep ongegrond is. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt eveneens afgewezen.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de VOG aan appellant vanwege zijn onherroepelijke veroordeling.