ECLI:NL:RVS:2008:BF0315
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- W. van den Brink
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking subsidie wegens voortijdig aangegane verplichtingen
De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft bij besluit van 15 februari 2005 een eerder verleende subsidie van € 60.352,77 aan appellante ingetrokken en het bedrag met wettelijke rente teruggevorderd, omdat zij vóór ontvangstbevestiging van haar subsidieaanvraag verplichtingen was aangegaan. Dit werd onderbouwd met een controleverslag van de Algemene Inspectiedienst waarin een contract van 8 december 2000 werd aangetroffen, eerder dan de ontvangstbevestiging.
Appellante voerde aan dat het contract abusievelijk op 8 december was gedateerd en dat zij pas op 20 december 2000 verplichtingen was aangegaan, en dat de minister ten onrechte geen belangenafweging had gemaakt. De rechtbank had het beroep van appellante ongegrond verklaard, en de Raad van State bevestigt dit oordeel.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de minister terecht artikel 18 van Pro de Regeling structuurverbetering glastuinbouw heeft toegepast en dat de intrekking van de subsidie en terugvordering rechtmatig zijn. De stellingen van appellante zijn onvoldoende onderbouwd en er zijn geen concrete bijzondere omstandigheden gesteld die een belangenafweging zouden rechtvaardigen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van de subsidie bevestigd.