ECLI:NL:RVS:2008:BG5089
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- P.A. Offers
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en zelf afdoening in mvv-procedure gezinshereniging met belangenafweging minderjarige kinderen
De zaak betreft het hoger beroep van de minister van Buitenlandse Zaken tegen een uitspraak van de rechtbank die de besluiten van 27 november 2006 inzake de weigering van machtigingen tot voorlopig verblijf (mvv) voor gezinshereniging vernietigde vanwege een onvoldoende gemotiveerde belangenafweging van de drie in Nederland geboren kinderen.
De Raad van State overweegt dat de minister in het besluit van 25 september 2007 de belangen van de kinderen wel degelijk heeft betrokken en gemotiveerd waarom deze belangen niet tot toelating van de vreemdelingen leiden. De rechtbank heeft dit niet onderkend, waardoor grief 1 slaagt. Verder oordeelt de Raad dat de rechtbank ten onrechte niet heeft erkend dat bijzondere feiten en omstandigheden vereist zijn voor een positieve verplichting tot het verlenen van een mvv op grond van artikel 8 EVRM Pro, waardoor grief 2 eveneens slaagt.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdelingen ongegrond. De minister heeft voldoende rekening gehouden met de belangen van de kinderen en de situatie in de DRC, en er is geen uitzichtloze situatie aangetoond die het middelenvereiste zinloos maakt. Er is geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdelingen wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.