ECLI:NL:RBSGR:2008:BD0057
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M. Overbeeke
- C. van Linschoten
- A.W.M. van Hoof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering machtiging voorlopig verblijf wegens onvoldoende belangenafweging gezinsleven
Eisers, afkomstig uit Congo, vroegen een machtiging tot voorlopig verblijf aan om zich bij hun ouders in Nederland te voegen. Verweerder wees de aanvragen af wegens het niet voldoen aan het middelenvereiste en beriep zich op het algemeen belang van het restrictieve toelatingsbeleid. De rechtbank stelde vast dat geen nieuwe feiten waren aangevoerd en dat het geschil zich beperkte tot de belangenafweging op grond van artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van inmenging in het gezinsleven en geen objectieve belemmeringen om het gezinsleven in het land van herkomst uit te oefenen. Wel vond de rechtbank dat verweerder onvoldoende rekening had gehouden met de feitelijke situatie van eisers in Congo, zoals hun leeftijd en zorgbehoeften, en dat de belangenafweging onvoldoende was gemotiveerd.
De rechtbank verwees naar jurisprudentie van het EHRM, met name de uitspraken Sen en Tekle, en concludeerde dat het leeftijdsverschil tussen eisers en de betrokkenen in die zaken geen reden was om anders te oordelen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond wegens schending van het motiveringsvereiste en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en belangenafweging, en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.