ECLI:NL:RVS:2009:BH8582
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- T.M.A. Claessens
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling nieuw gebleken feiten bij herhaalde asielaanvraag uit Noord-Irak
De zaak betreft een hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter die een eerdere afwijzing van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd aan een vreemdeling uit Noord-Irak vernietigde. De vreemdeling had een herhaalde aanvraag ingediend en verwees daarbij naar brieven van Amnesty International en berichten van het ANP die een verslechterde veiligheidssituatie in Noord-Irak aantoonden.
De Raad van State overweegt dat bij herhaalde aanvragen alleen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden na het eerdere besluit een hernieuwde rechterlijke toetsing rechtvaardigen. De aangevoerde stukken dateren van na het eerdere besluit en konden daarom niet eerder worden overgelegd. De Raad acht het niet uitgesloten dat deze stukken afdoen aan het eerdere besluit, zodat sprake is van nieuw gebleken feiten en omstandigheden.
De Raad verklaart het hoger beroep van de staatssecretaris kennelijk ongegrond en bevestigt de uitspraak van de voorzieningenrechter. Tevens wordt de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de vreemdeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.