Uitspraak
200704687/1, heeft de rechtbank overwogen dat de bewijslast ter zake van een mogelijk rechtstreeks (concurrentie)belang bij KHN ligt. Naar het oordeel van de rechtbank is KHN er niet in geslaagd om voldoende aannemelijk te maken dat het concurrentiebelang van (enkele van) haar leden in geding is.
200507730/1), komt een vereniging die voor het belang van haar leden opkomt, daarmee op voor een collectief belang, tenzij het tegendeel blijkt. Niet is gebleken dat KHN in dit geval slechts voor een enkel lid opkomt. De belangen van de leden van KHN omvatten, zoals volgt uit de statuten, zowel materiële als immateriële belangen. Naar het oordeel van de Afdeling valt daaronder ook het belang van eerlijke concurrentie. Dat belang is in het geding, nu KHN stelt dat Stichting Patronaat op het perceel horeca-activiteiten uitoefent in strijd met de voorschriften van het ter plaatse geldende bestemmingsplan en aannemelijk is dat verschillende leden van KHN daardoor omzetverlies lijden.