ECLI:NL:RVS:2009:BJ1647
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- T.M.A. Claessens
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank wegens schending hoor en wederhoor in vreemdelingenbewaring
De vreemdeling was in vreemdelingenbewaring gesteld bij besluit van 27 augustus 2008. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde op 11 mei 2009 het beroep tegen het voortduren van de bewaring ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling constateerde dat de rechtbank haar oordeel over het zicht op uitzetting naar Suriname had gebaseerd op feiten uit een andere procedure, die niet aan de vreemdeling waren voorgelegd. Hierdoor was het beginsel van hoor en wederhoor geschonden, wat leidde tot een oneerlijk proces.
Hoewel de Vreemdelingenwet 2000 geen hoger beroep tegen deze uitspraak toestaat, nam de Afdeling toch kennis van het hoger beroep vanwege de fundamentele schending van procesrechten. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en de zaak werd terugverwezen voor herbehandeling met inachtneming van het hoor en wederhoor.
Daarnaast stelde de Afdeling de proceskosten in hoger beroep vast op €322,00 en bepaalde dat de rechtbank over de vergoeding daarvan beslist.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd wegens schending van het hoor en wederhoor en de zaak wordt terugverwezen voor herbehandeling.