ECLI:NL:RVS:2009:BJ3372
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- C.W. Mouton
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit over ernstige bodemverontreiniging puinlaag Rotterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam stelde bij besluit van 15 mei 2008 vast dat op de locatie Boezembocht te Rotterdam twee gevallen van ernstige bodemverontreiniging aanwezig zijn, en dat spoedige sanering niet noodzakelijk is. De Stichting Bodemsanering NS (SBNS) stelde beroep in tegen dit besluit, stellende dat één van de gevallen, een puinlaag, ten onrechte als bodemverontreiniging was aangemerkt.
De Raad van State oordeelde dat SBNS als belanghebbende moet worden aangemerkt omdat zij verantwoordelijk is voor de sanering van de NS-saneringsgevallen en de melding van het saneringsvoornemen had gedaan. Vervolgens werd vastgesteld dat de puinlaag voor meer dan 50% uit bodemvreemd materiaal bestaat en daarom niet als bodem in de zin van de Wet bodembescherming kan worden beschouwd.
De Raad vernietigde het besluit voor zover de puinlaag als geval van ernstige verontreiniging was aangemerkt. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan SBNS. De overige vaststellingen van het college bleven buiten beschouwing, omdat het beroep gegrond werd verklaard op de puinlaag.
De uitspraak benadrukt het belang van een juiste juridische kwalificatie van bodemlagen en de toepassing van de Wet bodembescherming, waarbij bodemvreemd materiaal niet onder de reikwijdte van de wet valt.
Uitkomst: Het besluit van het college van Rotterdam wordt vernietigd voor zover de puinlaag als ernstige verontreiniging is aangemerkt.