ECLI:NL:RVS:2009:BJ6903
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- H. Troostwijk
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over vreemdelingenbewaring wegens onvoldoende belangenafweging
De zaak betreft het hoger beroep van de staatssecretaris van Justitie tegen een uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage die de inbewaringstelling van een vreemdeling op 12 juni 2009 heeft opgeheven en schadevergoeding toekende.
De vreemdeling was ongewenst verklaard en verbleef kort in vreemdelingenbewaring. De rechtbank had geoordeeld dat vanwege een voorlopige voorziening de staatssecretaris zich in principe had moeten onthouden van bewaring, waardoor de maatregel onrechtmatig zou zijn. De staatssecretaris stelde echter dat de gronden voor bewaring, zoals de criminele antecedenten en weigering tot medewerking aan uitzetting, zwaarwegend waren.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte niet heeft erkend dat het belang van de staatssecretaris bij voortzetting van de bewaring zwaarder weegt dan het belang van de vreemdeling bij opheffing, mede omdat het zicht op uitzetting binnen afzienbare tijd aanwezig blijft. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd, het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.