Uitspraak
200802600/1/R2en
200807857/1/R2onder meer betoogd dat het college op onjuiste wijze de effecten van de ammoniakdepositie op het Natura 2000-gebied Kempenland-West heeft beoordeeld.
Raad van State
Het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant verleende op 27 maart 2009 een vergunning aan een veehouder voor uitbreiding van het veebestand nabij het Natura 2000-gebied Kempenland-West. De vergunning was onder voorwaarde dat de ammoniakdepositie niet meer dan 21,03 mol N/ha/jr zou bedragen.
De Coöperatie Mobilisation for the Environment (MOB) stelde beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening. Tijdens de zitting op 20 augustus 2009 werd het verzoek behandeld en werd toestemming gegeven om onmiddellijk uitspraak te doen in de hoofdzaak.
De Raad van State oordeelde dat het college de effecten van ammoniakdepositie onvoldoende deugdelijk had gemotiveerd, mede gelet op eerdere uitspraken van de Afdeling. Het beroep werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd wegens strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan MOB. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Scholten-Hinloopen en ambtenaar van Staat Verbeek op 4 september 2009.
Uitkomst: Het besluit van het college van gedeputeerde staten van Noord-Brabant wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de ammoniakdepositiebeoordeling.