Uitspraak
200602043/1, terecht geoordeeld dat een onderzoeksrapport betreffende de bodemgesteldheid, gelet op het bepaalde in artikel 4, eerste lid, aanhef en onder b, van het Besluit indieningsvereisten aanvraag bouwvergunning (hierna: het Biab) en de paragrafen 1.3.1, 1.2.5 en 1.2.6, van de bijlage bij het Biab, eerst bij de bouwvergunning tweede fase behoeft te worden overgelegd. Voor zover [appellanten] betogen dat indien een bouwvergunning eerste fase onder verlening van vrijstelling van het bestemmingsplan wordt verleend, een onderzoeksrapport betreffende de bodemgesteldheid reeds bij de bouwvergunning eerste fase dient te worden overgelegd, wordt overwogen dat paragraaf 1.2.1b van de bijlage bij het Biab daarvoor geen grondslag biedt.
200609028/1, in het in beroep aangevoerde terecht geen grond gevonden voor het oordeel dat het college zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het over voldoende gegevens en bescheiden beschikte om een besluit op de aanvraag om bouwvergunning tweede fase te kunnen nemen. Daarbij wordt mede in aanmerking genomen dat de enkele omstandigheid dat in het rapport "Constructieve uitgangspunten" van Hopman ingenieursburo b.v. van 4 november 2008/1 december 2008 is vermeld dat in overleg met de leverancier zal worden bezien of het geheel als prefab kap kan worden vervaardigd, of dat er een staalconstructie nodig is, en dat de fundering en de wapening in de werkfase zullen worden uitgewerkt, anders dan [appellanten] in dit verband aanvoeren, geen aanleiding geeft voor het oordeel dat het college zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het over voldoende informatie ten aanzien van de constructie van het bouwplan beschikte.