Uitspraak
200804938/1en 13 februari 2008 in zaak nr.
200705006/1). Het betoog slaagt.
Raad van State
De stichting Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) legde aan de wederpartij een educatieve maatregel alcohol en verkeer (EMA) op met kostenveroordeling. Na bezwaar verklaarde het CBR dit ongegrond. De rechtbank Groningen oordeelde echter dat het beroep gegrond was en vernietigde het besluit van het CBR.
Het CBR stelde hoger beroep in en voerde aan dat de rechtbank ten onrechte het beroep ontvankelijk had verklaard, omdat de wederpartij geen procesbelang had. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het besluit tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wegens niet-betaling van de EMA-kosten onherroepelijk was, en dat het beroep tegen het latere besluit geen gunstiger positie kon opleveren.
De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de wederpartij niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de wederpartij wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.