ECLI:NL:RVS:2010:BO2088
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- B. van Wagtendonk
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Vaststelling ongewenstverklaring Turkse werknemer wegens onderbreking ononderbroken arbeid en gevaar voor openbare orde
De zaak betreft een Turkse werknemer die zijn verblijfsrecht verloor omdat hij niet voldeed aan het vereiste van ononderbroken arbeid bij dezelfde werkgever volgens artikel 6, eerste lid, eerste streepje van besluit nr. 1/80. De vreemdeling werkte van 11 september 2003 tot 11 september 2004 en van 1 februari 2005 tot 1 februari 2007 bij Simsek BV, maar had daartussen een onderbreking van ruim vier maanden.
De rechtbank had geoordeeld dat het unierechtelijke openbare orde-criterium van artikel 14 van Pro besluit nr. 1/80 van toepassing was, maar de Raad van State stelt dat dit criterium niet van toepassing is omdat de continuïteit van de tewerkstelling bij dezelfde werkgever ontbreekt. Daarnaast werd de vreemdeling wegens een veroordeling tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 20 maanden als gevaar voor de openbare orde beschouwd.
De staatssecretaris had het bezwaar van de vreemdeling tegen de ongewenstverklaring ongegrond verklaard en de Raad van State bevestigt dat de belangenafweging zorgvuldig is gemaakt, waarbij het algemeen belang zwaarder weegt dan de persoonlijke belangen van de vreemdeling. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond en bevestigt de ongewenstverklaring van de vreemdeling wegens onderbreking van ononderbroken arbeid en gevaar voor de openbare orde.