ECLI:NL:RVS:2010:BO8033
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- B. van Wagtendonk
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake weigering machtiging voorlopig verblijf wegens gevaar openbare orde
De minister van Buitenlandse Zaken wees op 16 januari 2009 de aanvraag van een vreemdeling voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) af, met een bevestigend besluit op bezwaar op 14 mei 2009. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank, die het besluit vernietigde en de minister opdroeg een nieuw besluit te nemen. De minister ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad overwoog dat een mvv een visum is dat toegang tot Nederland legitimeert en dat bij de beoordeling van een aanvraag ook moet worden gekeken of de vreemdeling een gevaar vormt voor de openbare orde of nationale veiligheid, conform artikel 3 Vreemdelingenwet Pro 2000 en artikel 2.9 Vreemdelingenbesluit 2000. De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat de minister dit niet had mogen betrekken bij de afwijzing.
De Raad stelde vast dat de minister zich terecht baseerde op informatie van de Vreemdelingenpolitie Amsterdam Amstelland over verdenking van betrokkenheid bij poging tot doodslag/poging tot moord. Het beroep van de vreemdeling faalde en het hoger beroep van de minister werd gegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de minister gegrond, waardoor het beroep van de vreemdeling ongegrond wordt verklaard.