ECLI:NL:RVS:2011:BP1330
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. van Kreveld
- H. Borstlap
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen last onder dwangsom wegens overtreding werktijden betonfabriek Vrijenban
Het college van burgemeester en wethouders van Delft legde Betonfabriek Vrijenban B.V. een last onder dwangsom op omdat zij haar betonfabriek vóór de vergunde werktijd van 06.00 uur in werking had gesteld. Vrijenban stelde dat het geluid niet van haar inrichting afkomstig was en dat zij niet vóór 06.00 uur had gewerkt. Het college onderbouwde zijn besluit met een memo van de toezichthouder en batchgegevens die het tegendeel aannemelijk maakten.
Vrijenban voerde verder aan dat ten onrechte geen begunstigingstermijn was gesteld en dat de hoogte van de dwangsom niet in verhouding stond tot de overtreding. De Raad van State oordeelde dat een begunstigingstermijn niet verplicht is indien de last strekt tot het voorkomen van herhaling en dat de hoogte van de dwangsom redelijk was gezien de ernst en herhaling van de overtreding.
Het beroep tegen het besluit van 29 maart 2010, waarin het college het bezwaar deels ongegrond verklaarde en het dictum aanpaste, werd ongegrond verklaard. Ook het beroep tegen het invorderingsbesluit van 11 juni 2010 faalde. De Raad van State bevestigde daarmee de handhaving van de last onder dwangsom en de invordering van € 12.500 wegens overtreding van de werktijden.
Uitkomst: Het beroep van Betonfabriek Vrijenban tegen de last onder dwangsom en de invordering daarvan wordt ongegrond verklaard.