ECLI:NL:RVS:2011:BP6346
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- W. Konijnenbelt
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verwijderen illegale appartementen in Leiden
Het college van burgemeester en wethouders van Leiden heeft bij besluit van 2 november 2007 gelast dat dertien appartementen, gebouwd zonder vereiste bouwvergunning, verwijderd moeten worden en het perceel in de laatst vergunde toestand moet worden teruggebracht. Dit besluit werd gehandhaafd na bezwaar en door de rechtbank bevestigd in een uitspraak van 19 mei 2010.
De appellant stelde in hoger beroep dat er concreet zicht op legalisering bestond vanwege een eerdere ruilovereenkomst en akte, en dat het college haar gerechtvaardigd vertrouwen had gewekt dat alsnog een bouwvergunning zou worden verleend. Tevens werd betoogd dat het college het verbod van détournement de pouvoir had geschonden en dat de rechtbank ten onrechte getuigen niet had gehoord.
De Raad van State oordeelde dat het college terecht handhavend is opgetreden omdat geen concreet zicht op legalisering bestond en dat de ruilovereenkomst en akte geen recht op vergunning geven. Het beroep op gerechtvaardigd vertrouwen faalde omdat geen toestemming van het college was gebleken. Ook was geen sprake van détournement de pouvoir en was het niet onredelijk dat de rechtbank getuigen niet heeft gehoord.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.