ECLI:NL:RVS:2011:BP7783
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- N.D.T. Pieters
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit college inzake traplift wegens strijd met Bouwbesluit en onevenredigheid handhaving
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag heeft bij besluit van 14 september 2009 onder bestuursdwang toestemming gelast voor het aanbrengen van een traplift in het portiek van een appartementencomplex. Appellante weigerde medewerking te verlenen, waarna het college handhavend optrad en bezwaar ongegrond verklaarde. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar appellante stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het aanbrengen van de traplift leidt tot een situatie die strijdig is met de minimale afmetingen van het Bouwbesluit 2003, met name de minimale vrije doorgang van 70 cm op het tussenbordes waar de traplift wordt geparkeerd. De vrije doorgang is door de traplift slechts 65,5 cm, waardoor appellante niet kan worden verplicht hieraan medewerking te verlenen.
Gelet op deze strijdigheid en de belangenafweging is handhavend optreden door het college in dit geval onevenredig. Daarom wordt het hoger beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit van 14 september 2009 herroepen. Tevens wordt het betaalde griffierecht aan appellante vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van het college tot handhaving wordt vernietigd wegens strijd met het Bouwbesluit en onevenredigheid.