ECLI:NL:RVS:2011:BP9275
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- D. Roemers
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Weigering vrijstelling mvv-vereiste geen schending recht op gezinsleven
De vreemdeling diende meerdere aanvragen in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met het doel verblijf bij partner of echtgenoot. Deze aanvragen werden afgewezen wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv-vereiste). De rechtbank had geoordeeld dat het huwelijk tussen de vreemdeling en zijn partner een nieuw feit vormde, waardoor het eerdere besluit niet bindend was.
De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State overwoog dat een nieuw besluit van gelijke strekking slechts kan worden getoetst door de bestuursrechter indien er nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zijn aangevoerd die relevant zijn voor de beoordeling. Het huwelijk van de vreemdeling met zijn partner werd niet als zodanig beschouwd, omdat dit feit al bekend was of had kunnen worden aangevoerd in eerdere procedures.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Hiermee werd bevestigd dat het mvv-vereiste niet in strijd is met artikel 8 EVRM Pro in deze zaak.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de weigering van vrijstelling van het mvv-vereiste blijft in stand.