ECLI:NL:RVS:2011:BQ9674
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- Th.G. Drupsteen
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing schadevergoeding wegens onrechtmatige vreemdelingenbewaring en uitzetting
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de afwijzing van zijn verzoek om schadevergoeding door de staatssecretaris van Justitie, naar aanleiding van zijn onrechtmatige vreemdelingenbewaring en uitzetting naar Liberia. De rechtbank had het beroep van appellant grotendeels ongegrond verklaard, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft deze uitspraak deels vernietigd.
De Afdeling overweegt dat de mededelingen aan de Liberiaanse autoriteiten over het asielverzoek van appellant als een besluit of daarmee gelijkgestelde handeling in de zin van artikel 72, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 moeten worden beschouwd. Hierdoor was bezwaar tegen de afwijzing van het verzoek om schadevergoeding mogelijk. De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond en vernietigt het besluit van 22 maart 2010 voor zover het bezwaar tegen de afwijzing van de schadevergoeding wegens het handelen of nalaten van de minister in het kader van de uitzettingen betreft.
De Afdeling oordeelt dat niet is gebleken dat de minister of de escortes de Liberiaanse autoriteiten op de hoogte hebben gebracht van het asielverzoek van appellant tijdens de uitzettingen, ondanks de door appellant overgelegde verklaringen. Het beroep tegen de ongegrondverklaring van het bezwaar is daarom ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt voor het overige bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank deels vernietigd, maar het beroep tegen de ongegrondverklaring van het bezwaar is ongegrond verklaard.