Uitspraak
200506448/1), bestaat, gelet op het gestelde doel van het wonen in een Domushuis, namelijk het bewerkstelligen van een gedragsverandering van de bewoners op de lange termijn, zodat zij uiteindelijk in staat zullen zijn zelfstandig te wonen, daarbij geen duidelijk onderscheid tussen het wonen en de geboden zorg, zodat geen sprake is van zelfstandige bewoning. In aanmerking nemende de omschrijving in artikel 1.44 van de planvoorschriften van hetgeen onder maatschappelijke voorzieningen moet worden verstaan, waarbij de huisvesting en begeleiding van de bewoners kan worden begrepen onder daarin vermelde sociale voorzieningen, heeft de voorzieningenrechter met juistheid het verblijf van de bewoners niet in strijd met de bestemming "maatschappelijke voorzieningen" geacht.