Uitspraak
200505282/1) is dit niet anders indien de verzender stelt gebruik te hebben gemaakt van een door het bestuursorgaan verstrekte retourenveloppe.
Raad van State
Bij besluit van 29 augustus 2008 wees de Belastingdienst de aanvraag van appellante om kinderopvangtoeslag voor het jaar 2006 af wegens te late indiening. Appellante stelde dat zij tijdig een eerdere aanvraag had verzonden, maar kon dit niet aannemelijk maken met de overgelegde stukken. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de enkele stelling dat een aanvraagformulier is verzonden onvoldoende is als het bestuursorgaan stelt het niet te hebben ontvangen. Appellante had onvoldoende bewijs geleverd dat zij de aanvraag tijdig had ingediend. Ook haar verwijzing naar mogelijke achterstanden bij de Belastingdienst en onjuiste verwerking van latere aanvragen was onvoldoende.
De Raad van State concludeert dat de Belastingdienst de aanvraag terecht heeft afgewezen omdat deze na de uiterste termijn van 1 april 2008 was ontvangen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Maastricht bevestigd.
Uitkomst: De afwijzing van de kinderopvangtoeslagaanvraag wegens te late indiening wordt bevestigd.