Uitspraak
200705227/1en 8 juli 2009 in zaak nr.
200900391/1/H1niet voldaan aan de ingevolge artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder d, van de Awb geldende eis dat het beroepschrift de gronden van het beroep bevat.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Cuijk heeft op 21 september 2010 een revisievergunning verleend aan een vergunninghoudster voor een varkenshouderij. Tegen dit besluit hebben appellant en anderen beroep ingesteld bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het beroep inhoudelijk behandeld en verschillende beroepsgronden beoordeeld.
De Afdeling heeft onder meer geoordeeld dat het beroep ontvankelijk is, ook voor gronden die betrekking hebben op het bestemmingsplan. De Afdeling heeft het college een zekere beoordelingsvrijheid toegekend bij de milieubeoordeling en de toepassing van beste beschikbare technieken. Diverse aangevoerde bezwaren, zoals onvoldoende gegevens in de aanvraag, tekortkomingen in het milieueffectrapport, strijd met het bestemmingsplan, twijfel over het rendement van luchtwassers, ammoniakschade aan gewassen, luchtkwaliteits- en geluidsaspecten en risico’s voor de volksgezondheid, zijn door de Afdeling verworpen.
De Afdeling heeft vastgesteld dat het college terecht heeft geoordeeld dat de beste beschikbare technieken worden toegepast, mede gelet op de interne salderingsmethode en het Besluit ammoniakemissie huisvesting veehouderij. Ook is geoordeeld dat de milieueffectrapportage en aanvullende informatie voldoende zijn voor een goede milieubeoordeling. De bezwaren over ammoniakschade en geluid zijn onvoldoende onderbouwd. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en het collegebesluit blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de verlening van de revisievergunning voor de varkenshouderij wordt ongegrond verklaard.