Uitspraak
200806606/1/M2waarin is vastgesteld dat woningbouw ter plaatse van de aan de overzijde van het bedrijf gelegen sportvelden niet gezien mag worden als een redelijkerwijs te verwachten ontwikkeling. [appellante] stelt dat de plannen voor woningbouw derhalve geen aanleiding konden vormen voor de beperking van haar bedrijfsmogelijkheden.
200806606/1/M2wordt overwogen dat daarin een oordeel is gegeven over wat destijds als redelijkerwijs te verwachten toekomstige ontwikkeling kon worden beschouwd in de zin van artikel 8.8, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wet milieubeheer, zoals deze bepaling destijds luidde. Dit betekent niet dat hiervan ook thans, bij de beoordeling van het bestreden plan in het kader van de Wet ruimtelijke ordening (hierna: Wro), moet worden uitgegaan.