ECLI:NL:RVS:2012:BV5086
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.J.M. Schuyt
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek tegen verstoring lepelaar en vernieling nesten
De zaak betreft een hoger beroep van de Koninklijke Nederlandse Natuurhistorische Vereniging (KNNV) tegen de minister die een verzoek tot handhaving op grond van de Flora- en faunawet (Ffw) had afgewezen. De KNNV wilde handhaving tegen Zeeland Seaports vanwege de voorgenomen verstoring van een kolonie lepelaars en vernieling van hun nesten op een terrein aan de Frankrijkweg te Borsele.
De minister stelde dat de bescherming van nesten van lepelaars beperkt is tot het broedseizoen en de functionele broedomgeving, omdat lepelaars niet terugkeren naar exact hetzelfde nest en nieuwe nesten kunnen bouwen. De KNNV betoogde dat de nesten het hele jaar beschermd moeten zijn, verwijzend naar Europese jurisprudentie en richtlijnen die bescherming van voortplantingsplaatsen ook buiten het broedseizoen voorschrijven.
De Raad van State oordeelde dat bestaande nestfundamenten niet als daadwerkelijke nesten worden beschouwd en dat lepelaars buiten het broedseizoen geen vaste nestplaats hebben die bescherming vereist. De functionele omgeving van het nest is te onbepaald om als voortplantings- of vaste rustplaats te gelden. De minister heeft het verbod uit artikel 11 Ffw Pro niet overtreden en mocht het handhavingsverzoek afwijzen.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Middelburg wordt bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de KNNV wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het handhavingsverzoek door de minister bevestigd.