Uitspraak
200801122/1), is voor een geslaagd beroep op het vertrouwensbeginsel nodig dat er aan het bestuursorgaan toe te rekenen concrete, ondubbelzinnige toezeggingen zijn gedaan door een daartoe bevoegd persoon, waaraan rechtens te honoreren verwachtingen kunnen worden ontleend. Nog daargelaten of zij daartoe de bevoegdheid hadden, houdt hetgeen de bouwinspecteurs volgens [appellant] tijdens de inspecties hebben gezegd, noch het e-mailbericht van 1 oktober 2009, een ondubbelzinnige toezegging in dat voor de door [appellant] gerealiseerde uitbreidingen ten opzichte van het bij besluit van 8 januari 2004 vergunde bouwplan, ontheffing en bouwvergunning zouden worden verleend.