ECLI:NL:RVS:2012:BW0767
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering kwijtschelding restschuld Nationale Hypotheek Garantie na executoriale verkoop woning
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de uitspraak van de rechtbank die het beroep tegen het besluit van de Stichting Waarborgfonds Eigen Woningen ongegrond verklaarde. De stichting had appellant medegedeeld dat zij als borg uit hoofde van de Nationale Hypotheek Garantie (NHG) een bedrag van €57.712,26 had voldaan aan de geldverstrekker en dat appellant deze schuld aan haar moest terugbetalen. De stichting weigerde kwijtschelding omdat appellant niet aan de voorwaarden voldeed, waaronder volledige medewerking en het niet uitsluitend zijn werkloosheid als oorzaak van betalingsonmacht kon aanvoeren.
Appellant betoogde dat zijn werkloosheid de oorzaak was van zijn betalingsproblemen en dat hij zich voldoende had ingespannen om executoriale verkoop te voorkomen. De Raad van State oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat werkloosheid de enige oorzaak was, mede omdat hij geen inkomensgegevens had verstrekt en kort na aankoop van woning I ook een tweede woning had gekocht met een lening. Tevens was appellant te laat met een voorstel tot onderhands verkopen en had hij de woning verhuurd in strijd met voorwaarden, wat de verkoopwaarde drukte.
De Raad van State bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank en de stichting dat appellant niet aan de voorwaarden voor kwijtschelding voldeed. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot kwijtschelding van de restschuld bevestigd.