ECLI:NL:RVS:2012:BW1591
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- M.R. Poot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek gesubsidieerde rechtsbijstand bij onderbewindstelling
De appellant verzocht om gesubsidieerde rechtsbijstand voor een onderbewindstellingsprocedure, maar dit verzoek werd op 5 oktober 2010 door de raad afgewezen. Het bezwaar tegen dit besluit werd eveneens ongegrond verklaard. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellant ongegrond en wees tevens een verzoek om schadevergoeding af.
Appellant voerde aan dat de rechtbank onvoldoende op zijn beroepsgronden was ingegaan en dat hij vanwege gezondheidsproblemen niet in staat was zijn belangen zelf te behartigen, terwijl er geen andere personen of instellingen waren die hem konden bijstaan. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State overwoog dat het recht op toegang tot de rechter niet absoluut is en beperkingen mag kennen, mits deze proportioneel zijn en het recht niet in essentie aantasten.
De onderbewindstellingsprocedure wordt als eenvoudig beschouwd en vereist geen verplichte procesvertegenwoordiging. Er is voldoende mogelijkheid voor appellant om zich te laten bijstaan door andere personen of instellingen, zoals het Juridisch Loket, zonder dat hier kosten aan verbonden zijn. De Afdeling concludeerde dat de afwijzing van de toevoeging gerechtvaardigd is en bevestigde het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: Het verzoek om gesubsidieerde rechtsbijstand werd afgewezen en deze afwijzing werd bevestigd in hoger beroep.