ECLI:NL:RVS:2012:BW4535
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- A.M. van Meurs-Heuvel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing schadevergoeding wegens niet-verleende toevoeging door Raad voor rechtsbijstand
De appellant verzocht de Raad voor rechtsbijstand om schadevergoeding vanwege de abusievelijke tussentijdse beëindiging van een toevoeging die niet aan hem was verleend. De regiomanager wees dit verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De raad handhaafde dit besluit bij een nieuw besluit op bezwaar.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep tegen het bezwaar ongegrond en het beroep tegen het eerdere besluit niet-ontvankelijk. De appellant stelde dat de rechtbank niet bevoegd was omdat hij woonachtig is in Capelle aan den IJssel en het geschil volgens hem bij de rechtbank Rotterdam had moeten worden behandeld.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank Amsterdam wel bevoegd was, omdat de aanvraag om toevoeging door de rechtsbijstandverlener in Utrecht was gedaan, en Utrecht binnen het ressort van Amsterdam valt. De Raad van State bevestigde het oordeel van de rechtbank dat geen schadevergoeding kan worden toegekend voor beëindiging van een niet-verleende toevoeging en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Amsterdam bevestigd.