ECLI:NL:RVS:2012:BW8849
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- R. van Heusden
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring hoger beroep tegen intrekking bouwvergunning loods op bedrijventerrein
Appellante had een bouwvergunning gekregen voor het oprichten van een loods op een perceel in Leek, gelegen op een bedrijventerrein. Na intrekking van deze vergunning door het college, oordeelde de rechtbank dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom de vergunning niet verleend kon worden op grond van het overgangsrecht in het bestemmingsplan. Het college handhaafde daarop de vergunning, maar daartegen werd beroep ingesteld.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het bouwplan in overeenstemming is met de bestemming 'Bedrijventerrein' en dat appellante als bestaand bedrijf kan worden aangemerkt. De activiteiten van appellante vallen onder milieucategorie 4, terwijl op het perceel alleen categorie 1 tot en met 3 zijn toegestaan, maar het overgangsrecht en de bestaande bedrijfsvoering maken de bouw van de loods passend binnen het bestemmingsplan.
De Afdeling concludeerde dat het college het bouwplan ten onrechte aan het gebruiksovergangsrecht heeft getoetst, maar dat dit niet tot vernietiging van het besluit leidt omdat de vergunning alsnog is gehandhaafd. De beroepen van appellante en belanghebbenden werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep en de beroepen tegen het besluit tot handhaving van de bouwvergunning worden ongegrond verklaard.