ECLI:NL:RVS:2012:BX3316
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- P.J.J. van Buuren
- H.G. Lubberdink
- N.S.J. Koeman
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over planschade en binnenplanse ontheffingsmogelijkheid bij bestemmingsplan
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft appellant bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van zijn verzoek om tegemoetkoming in planschade door het college van burgemeester en wethouders van Utrechtse Heuvelrug. De schade zou zijn veroorzaakt door een vrijstelling van het bestemmingsplan die de bouw van een appartementengebouw nabij zijn woning mogelijk maakte.
De rechtbank had geoordeeld dat de binnenplanse ontheffingsmogelijkheid in artikel 32 van Pro de planvoorschriften meegenomen kon worden bij de maximale invulling van het oude bestemmingsplan, waardoor geen sprake zou zijn van een planologische verslechtering. Appellant betoogde dat dit onjuist was, omdat een binnenplanse ontheffing een zelfstandige grondslag voor planschade kan vormen en daarom niet meegeteld mag worden bij de maximale invulling van het oude plan.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelt vast dat de binnenplanse ontheffingsmogelijkheid niet mag worden betrokken bij de maximale invulling van het bestemmingsplan bij de planvergelijking. Dit om te voorkomen dat een planologische verslechtering per definitie wordt uitgesloten. Het college heeft het besluit van 4 oktober 2010 niet zorgvuldig voorbereid en wordt opgedragen dit besluit binnen acht weken te herstellen, met inachtneming van de overwegingen in deze tussenuitspraak.
De zaak is behandeld met inachtneming van het overgangsrecht tussen de oude WRO en de Wro, waarbij bestemmingsplannen en binnenplanse vrijstellingen onder de oude WRO gelijkgesteld worden aan die onder de Wro. De Afdeling wijst op het belang van een spoedige afhandeling en zal in de einduitspraak beslissen over proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen het besluit te herstellen en een nieuw besluit te nemen binnen acht weken.