ECLI:NL:RVS:2012:BX5931
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- N.S.J. Koeman
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tegemoetkoming planschade wegens voorzienbaarheid woningbouwplannen in Zeddam
Appellant heeft een verzoek ingediend om tegemoetkoming in planschade wegens waardevermindering van zijn woning door de bouw van 21 woningen op het tegenoverliggende plein in Zeddam. Het college wees dit verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank, dat eveneens ongegrond werd verklaard.
De Raad van State oordeelt dat de planologische wijziging voorzienbaar was ten tijde van de aankoop van de woning in 2000. Dit volgt uit de Nota volkshuisvesting van april 2000 en het voorbereidingsbesluit voor de kom Zeddam, die openbaar zijn gemaakt en waaruit bleek dat woningbouw op het plein beoogd werd. Hoewel de precieze invulling pas later duidelijk werd, had een redelijk handelend koper rekening kunnen houden met een ongunstige planologische ontwikkeling.
Appellant stelde dat de woningbouwplannen niet concreet genoeg waren en dat hij mocht vertrouwen op een gunstige situatie, maar dit betoog faalt. Ook is geen schending van het vertrouwensbeginsel vastgesteld. De Raad van State verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade wordt bevestigd.