Uitspraak
200700365/1is de Bijlage een algemeen verbindend voorschrift en is het CBR niet bevoegd hiervan af te wijken. De rechtbank heeft, gelet hierop, terecht overwogen dat de Regeling strikt dient te worden uitgelegd.
Raad van State
Het CBR weigerde op 18 november 2010 aan appellant een verklaring van geschiktheid af te geven voor het besturen van motorrijtuigen van de categorieën A, B, B+E, C, C+E, D en D+E, omdat appellant Diazepam gebruikte in een dosis die volgens de Regeling eisen geschiktheid 2000 ongeschikt is voor deelname aan het verkeer.
Appellant stelde zich op het standpunt dat de bepalingen in de Bijlage van de Regeling strikt uitgelegd moeten worden en dat hij niet dagelijks Diazepam gebruikte, waardoor de ongeschiktheid niet zou moeten gelden. De rechtbank en de Afdeling bestuursrechtspraak oordeelden echter dat de Bijlage een algemeen verbindend voorschrift is en strikt moet worden toegepast. Het gebruik van Diazepam, ook indien niet dagelijks, leidt tot ongeschiktheid volgens paragraaf 10.5 van de Bijlage.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank Groningen van 6 oktober 2011 en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van het CBR tot afgifte van de verklaring van geschiktheid wordt bevestigd.