ECLI:NL:RVS:2013:1004
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- F.C.M.A. Michiels
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Vernietiging proceskostenveroordeling bouwvergunning steiger Zaanse Schans
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad verleende op 2 februari 2010 een bouwvergunning voor de aanleg van een steiger ten behoeve van riviercruisevaart nabij de Julianabrug bij de Zaansche Schans. De vereniging De Zaansche Molen, eigenaresse van de nabijgelegen oliemolen De Ooievaar, stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank Haarlem vernietigde het projectbesluit wegens procedurele tekortkomingen, maar liet de rechtsgevolgen in stand.
De vereniging stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het belang bij beoordeling van de inhoudelijke gronden van het projectbesluit was komen te vervallen door het onherroepelijk geworden bestemmingsplan dat de aanlegsteiger mogelijk maakt. De rechtbank had het besluit terecht vernietigd vanwege het niet ter inzage leggen van adviezen van de monumenten- en welstandscommissie.
De vereniging voerde verder aan dat de rechtbank onzorgvuldig had gehandeld door na sluiting van het onderzoek alsnog stukken toe te laten en dat de aanlegsteiger in strijd was met redelijke eisen van welstand. Deze bezwaren faalden. Wel oordeelde de Afdeling dat de rechtbank de proceskostenveroordeling onjuist had vastgesteld, met name de wegingsfactor en de punten toegekend voor repliek en zitting. De Afdeling vernietigde daarom het deel van het vonnis over de proceskostenveroordeling en veroordeelde het college tot een hogere vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond voor het deel van de proceskostenveroordeling, die wordt vernietigd en het college wordt veroordeeld tot een hogere proceskostenvergoeding.