ECLI:NL:RVS:2013:1014
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering teveel betaalde zorgtoeslag ondanks langdurig verblijf in buitenland
Appellant, woonachtig in het buitenland, ontving in 2011 voorschotten zorgtoeslag die de Belastingdienst/Toeslagen later herzag en vaststelde op nihil. Vervolgens werd een bedrag van €819,00 teruggevorderd. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten, stellende dat hij het aanvraagformulier verkeerd begreep en dat terugvordering buiten proportie was.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Afdeling overwoog dat appellant geen verzekerde was in de zin van de Wet op de zorgtoeslag, waardoor hij geen aanspraak had op zorgtoeslag. De Belastingdienst mocht op grond van artikel 26 Awir Pro niet afzien van terugvordering.
Appellants argumenten dat de Belastingdienst het formulier niet had moeten toesturen en dat hij niet in staat is terug te betalen, werden verworpen. De Belastingdienst had appellant gewezen op mogelijkheden tot betalingsregelingen. De Afdeling vond geen reden voor proceskostenveroordeling en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De terugvordering van €819,00 teveel betaalde voorschotten zorgtoeslag wordt bevestigd.