ECLI:NL:RVS:2013:122
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.A. Hagen
- P.A. Koppen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek nadeelcompensatie project Fonteyne in Vlissingen
De Marskramer B.V. verzocht het college van burgemeester en wethouders van Vlissingen om nadeelcompensatie vanwege het project Fonteyne in de binnenstad van Vlissingen. Het college wees dit verzoek op 10 december 2009 af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Middelburg vernietigde dit besluit in eerste aanleg en bepaalde dat het college een nieuw besluit moest nemen.
In hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State werd het college opgedragen het gebrek in het bezwaarbesluit te herstellen en de schade opnieuw te berekenen zonder BTW. Het college motiveerde het besluit opnieuw, waarbij het stelde dat De Marskramer onvoldoende gegevens had verstrekt om het geleden nadeel te relateren aan de omzetten en brutowinsten van het filiaal.
De Marskramer leverde geen aanvullende gegevens aan, waardoor het college uitging van de geconsolideerde jaarrekening van Blokker Holding B.V. en concludeerde dat de schade minder dan 1% van de omzet betrof en binnen het normale ondernemersrisico viel. De Raad van State oordeelde dat het college dit besluit toereikend heeft gemotiveerd en verklaarde het hoger beroep van De Marskramer ongegrond, terwijl het hoger beroep van het college gegrond werd verklaard.
Uitkomst: Het verzoek om nadeelcompensatie is afgewezen omdat het geleden nadeel binnen het normale ondernemersrisico valt.